André Rouvoet en zijn platform, “Scheiden … en de kinderen dan?”
Rouvoet rapportage; En dan: …mediation!

Met stijgende verbazing lees ik het artikel in de Volkskrant van 23 februari over de rapportage van André Rouvoet en zijn platform,
“Scheiden … en de kinderen dan ?”
Die verbazing verdwijnt niet als ik het programma van Jinek bekijk, in gesprek met Rouvoet, integendeel. Geen enkele keer valt de term “mediation” of “mediator”. Dat kan toch niet waar zijn? Het kan toch niet zo zijn dat je anno 2018 als het gaat over scheiden, over vechtscheiden, over de belangen van kinderen, mediation , dat al tientallen jaren sterk in opkomst is en door Justitie wordt gepromoot, niet prominent in beeld laat komen? Welnu, dat blijkt dus wel te kunnen.
Een reëel beeld?
Na lezing van het rapport
blijf ik nog steeds verbaasd, maar tevens teleurgesteld en ook wel enigszins geërgerd achter. Op blz.16 valt voor het eerst de term “mediation” te lezen in een schematisch overzicht, op blz. 22 wordt aanbevolen de mogelijkheden van mediation onder de aandacht te brengen, op blz. 23 is sprake van forensische mediation , alles zonder toelichting op inhoud en betekenis van mediation. Het accent ligt (nog steeds) op het inschakelen van advocaten.
Als ik de samenstelling van het platform bekijk, begin ik er al iets meer van te begrijpen. Geen Mediators federatie Nederland
als deelnemer, wel de VFAS, en dat is merkbaar:
–
“ Zo realiseren we ons dat het overgrote deel van de scheidingen binnen de bestaande procedures ‘geruisloos’ wordt afgewikkeld, waarmee zowel de vaak genoemde filterfunctie van de advocatuur (HMC: en mediation dan?) als de geschilbeslechtende rol van de rechterlijke macht zichtbaar worden ” (blz.11);
–
bij lokale samenwerkingspartners (blz. 18) worden “familie recht professionals : genoemd; “recht” verwijst naar de advocaat, naar de juridische aanpak; mediation biedt zoveel meer;
–
“ bevorder – in overleg met de advocatuur en het notariaat – de ontwikkeling van anti-vechtclausules …..” (blz. 20) Waar is in vredesnaam de verwijzing naar de mediator? Die hoort hier toch in de eerste plaats thuis!
–
“Een veelgehoorde opmerking van gescheiden ouders was dat, als je dan dit punt bereikt hebt en vast van plan bent om goed uit elkaar te gaan, de centrale vraag is: ‘…maar wie bel je dan?’ (blz. 21). Het antwoord had meteen gegeven kunnen worden: de mediator.
–
Bij “Het Praktijkvoorbeeld” op blz. 26 wordt de advocatuur genoemd en ontbreekt de mediator op het lijstje “Actoren” opvallend.
De rapportage doet absoluut geen recht aan die honderden collega-mediators die dagelijks bezig zijn de angel uit conflicten te halen, de belangen van kinderen
in echtscheidingen
voorop te stellen, en de ouders ertoe aan te zetten, juist vanwege dat belang, fatsoenlijk en zorgvuldig met elkaar om te gaan.
Een vergelijking
Ik leg enkele bevindingen uit de rapportage naast mijn mediationpraktijk:
–
“de opgave om het partnerschap en het ouderschap te ontvlechten ”; mediators doen niet anders;
–
“hoe ontwikkelen we een verbeterde, op de-escalatie gerichte rechts gang waarin de behoeften van zowel de scheidende ouders
als die van het kind en de positie en het belang van kinderen meer gewaarborgd kunnen worden?” Ooit van mediation
gehoord? Als mediator inventariseer ik de behoeften, wensen en belangen van ouders en kinderen, ga desgewenst afzonderlijk met de kinderen in gesprek.
–
“ hoe zorgen we ervoor dat het kind na de scheiding niet de dupe wordt van voortslepende conflicten”. In mijn werk beperk ik me niet tot de oplossing in het nu, ik bespreek de emoties (verdriet, boosheid), ik haal de angel uit het conflict en werk er altijd aan om de ouders in communicatief opzicht handvatten mee te geven opdat ze minder gemakkelijk terugvallen in de gedragspatronen die tot het conflict hebben geleid.
–
“Stel ……….. een top 5 do’s en don’ts in een scheidingsproces
samen”. Die lijstjes zijn er al lang in allerlei varianten. Zo gebruik ik al jaren tot (mijn) volle tevredenheid (waarbij do’s natuurlijk altijd beter werken dan don’ts):
o
“ 10 valkuilen voor scheidende ouders in de omgang met hun kinderen
” (met dank aan het maatschappelijk werk);
o
“Tien tips voor ouders over kinderen en scheiding”, zowel tijdens de scheiding als voor de periode daarna;
o
de”10 geboden van het co-ouderschap”;
o
5 gouden overlegtips;
o
regels voor effectieve communicatie;
Ik voeg er nu de 7 kernen van goed ouderschap aan toe (blz. 8 van de rapportage).
–
“stimuleren van ‘4-gesprekken’ tussen de beide ouders en hun advocaten”, blz. 23. Voor de mediator is standaard werkwijze
dat hij gesprekken voert met beide ouders samen. Die werkwijze is nog goedkoper ook.
Verwijzing
Scheidingsloket? Prima idee, en wat zou het fijn zijn als het loket straks niet automatisch verwijst naar advocaten, “het toernooiveld”, maar juist het alternatief van mediation, een de-escalerend en oplossingsgericht samenwerkingsmodel (één van de kernboodschappen op blz. 28), onder de aandacht brengt.
Hebben de VFAS-sers zitten slapen of hebben ze vooral (de belangen van) de advocatuur voor ogen gehad?
Ik snap dat het niet de eerste taak voor het platform is om mediation te bevorderen,
maar het zo mager uit de verf te laten komen, als je de-escaleren, dejuridiseren en de belangen van kinderen zegt belangrijk te vinden, is echt het andere uiterste. Het uitvoeringsprogramma van Rouvoet, dat beoogt een gezamenlijk perspectief te bieden, wordt half werk, als daar niet een prominente plek voor mediation wordt ingeruimd, ook in het ‘goed-uit-elkaar-pakket’.
Bron: Hans Oosterveld
Delen

Een generatiewisseling gaat niet alleen over geld en aandelen. Het gaat over macht, identiteit en vertrouwen. Voor de vorige generatie voelt het soms als afscheid nemen van hun leven-werk. Voor de volgende generatie voelt het als: eindelijk mijn eigen weg, maar onder constant toezicht van iemand die niet echt los wil laten. Dat spanningsveld is waar veel generatiewisselingen stuk lopen. Waar het meestal misgaat De klassieke conflicten zijn snel benoemd: "Jij bent nog niet klaar" (ouder vertrouwt niet, jongere voelt zich niet gezien). Onduidelijke rollen na de overdracht (wat betekent "adviseur" werkelijk?). Financiële spanning (hoe betaalt de volgende generatie het bedrijf af?). En de grote vraag: wie bepaalt eigenlijk hoe dit gaat? Al deze vragen spelen op twee niveaus tegelijk. Zakelijk gaat het om strategie en continuïteit. Persoonlijk gaat het om vertrouwen, waardering en controle loslaten. Veel bedrijven raken vast omdat ze die twee niveaus door elkaar gooien. Waarom juridische routes niet genoeg zijn Een notaris regelt de papieren. Belastingadviseurs werken optimale structuren uit. Allemaal nodig. Maar ze lossen het relationele probleem niet op. Na de overdracht zijn beide generaties nog steeds verbonden, en als dat relationele probleem niet is opgelost, functioneert het bedrijf moeizaam. Een veel voorkomend gevolg: de vorige generatie kan niet echt loslaten en bemoeit zich voortdurend. Of de volgende generatie voelt zich nooit echt in control. Het bedrijf draait, maar de sfeer is gespannen en er kan veel misgaan tussen de generaties. Wat mediation doet Mediation creëert een veilige ruimte waarin beide generaties kunnen zeggen wat werkelijk op het spel staat. "Ik ben bang dat je alles wat ik heb opgebouwd, gaat verbranden." "Ik voel dat je me niet vertrouwt." "Ik kan mijn eigen weg niet gaan zolang jij me voortdurend corrigeert." Veel van die gevoelens worden in formele onderhandelingen helemaal niet uitgesproken. Ze zitten onder de oppervlakte en bepalen eigenlijk alles. Een mediator brengt ze naar boven, zodat beide partijen echt naar elkaar kunnen luisteren. Praktisch resulteert dit in heldere afspraken: Rollen : Wat doet de vorige generatie nog? Hoe vaak? Wat zijn de grenzen? Timing : Hoe geleidelijk gaat de overdracht? Wil iemand meteen weg, of geleidelijk? Financiën : Hoe blijft het bedrijf gezond terwijl de vorige generatie wordt uitgekocht? Andere betrokkenen : Hoe zit het met andere kinderen, partners of medewerkers? Deze afspraken voelen als "van ons beiden," in plaats van opgelegd. Wanneer moet je beginnen? Generatiewisselingen die goed gaan, beginnen twee tot drie jaar voordat de daadwerkelijke overdracht plaatsvindt. Start mediation voordat de juridische adviseurs aan het werk gaan. Dan hebben zij helderheid over wat beide partijen willen, en kunnen ze de optimale structuur bouwen. Het voorkomen van wat veel bedrijven overkomt Te veel familiebedrijven hebben na een generatiewisseling te kampen met een vorige generatie die niet echt los kan laten, een volgende generatie die zich verstikt voelt, en familieruzies die jarenlang voortduren. Al dit leed is in veel gevallen voorkomen geweest als beide generaties hadden gezegd wat werkelijk op het spel stond, en samen hadden bepaald hoe dit gaat. Staat je organisatie voor een generatiewisseling? Neem contact op voor een vrijblijvend adviesgesprek.

Er komt een melding binnen. Een medewerker geeft aan zich onveilig te voelen bij een collega of leidinggevende: opmerkingen die te ver gaan, een sfeer van kleineren, aanhoudende toenadering die niet gewenst is. De eerste reflex in veel organisaties is begrijpelijk maar riskant: laten we die twee even om tafel zetten om het uit te praten. Soms is dat precies de juiste stap. Soms is het het slechtste wat je kunt doen. Het verschil kennen is essentieel, want een verkeerd ingezet gesprek beschadigt niet alleen de melder, maar ook de geloofwaardigheid van je hele meldstructuur. Wat er sowieso van je wordt verwacht Als werkgever ben je op grond van de Arbowet verplicht beleid te voeren tegen psychosociale arbeidsbelasting, waar ongewenste omgangsvormen onder vallen. Dat betekent dat je de risico's in kaart brengt in je RI&E en er daadwerkelijk maatregelen tegenover zet: een gedragscode, een heldere meldroute, een klachtenprocedure en de mogelijkheid om ergens veilig terecht te kunnen. Een vertrouwenspersoon is op dit moment niet wettelijk verplicht. Het initiatiefwetsvoorstel dat dit voor werkgevers zou regelen is in 2023 door de Tweede Kamer aangenomen en ligt sindsdien bij de Eerste Kamer, zonder duidelijke datum van inwerkingtreding. Dat betekent niet dat je achterover kunt leunen: de Nederlandse Arbeidsinspectie kan via de RI&E wel degelijk aandringen op maatregelen, en organisaties zonder laagdrempelig aanspreekpunt merken vooral dat er niets gemeld wordt tot het escaleert. Mediation is geen waarheidsvinding Dit is het belangrijkste onderscheid en het wordt in de praktijk het vaakst over het hoofd gezien. Een mediator stelt niet vast wat er is gebeurd en spreekt geen oordeel uit over schuld. Een mediator begeleidt twee partijen naar afspraken over hoe zij verder gaan. Bij een klacht over ernstig grensoverschrijdend gedrag heb je juist wél feitenonderzoek nodig, en dat is een ander instrument met andere waarborgen: hoor en wederhoor, dossiervorming, een rapport waar arbeidsrechtelijke consequenties aan verbonden kunnen worden. Mediation inzetten waar onderzoek nodig is, betekent dat de melder wordt gevraagd te onderhandelen over iets wat helemaal niet onderhandelbaar is. Dat is geen oplossing, dat is een tweede probleem. Wanneer mediation wél passend is Mediation komt tot zijn recht als er sprake is van een verstoorde onderlinge verhouding waarin beide betrokkenen ruimte hebben om vrijwillig deel te nemen. Denk aan situaties waarin gedrag als kwetsend is ervaren maar niet zo bedoeld was, waarin humor of een directe stijl verkeerd is gevallen, of waarin een langlopende irritatie tussen twee gelijkwaardige collega's is uitgegroeid tot een onwerkbare sfeer. Ook ná een onderzoek is er vaak plek voor mediation: de feiten liggen dan vast, er zijn maatregelen genomen, en de vraag is hoe mensen weer met elkaar verder kunnen in hetzelfde team. Dat herstelgesprek onder begeleiding voorkomt dat een organisatie formeel klaar is met de zaak terwijl de werkvloer dat helemaal niet is. Voorwaarde is steeds dat deelname echt vrijwillig is. Een melder die instemt omdat weigeren als onwil zou worden uitgelegd, neemt niet vrijwillig deel. Wanneer je het beter niet doet Wees terughoudend zodra er een duidelijk machtsverschil in het spel is, bijvoorbeeld tussen een leidinggevende en een medewerker die van diegene afhankelijk is voor beoordelingen of contractverlenging. Datzelfde geldt als de melder bang is voor de ander, als er sprake is van een herhaald patroon of meerdere meldingen over dezelfde persoon, of als het gedrag mogelijk strafbaar is. In die laatste situatie hoort de melder bovendien te weten dat aangifte doen een eigen recht is dat losstaat van wat de organisatie intern regelt. En een variant die vaker voorkomt dan werkgevers denken: mediation inzetten om te kunnen laten zien dat je iets hebt gedaan. Als het instrument vooral je dossier moet dienen, is het het verkeerde instrument. Als samenwerken geen optie meer is Soms is de conclusie dat terugkeer naar dezelfde afdeling of dezelfde leidinggevende niet realistisch is. Ook dan hoeft het niet op een juridische strijd uit te lopen. In een exit mediation begeleidt de mediator de gesprekken over de voorwaarden van het vertrek, die worden vastgelegd in een vaststellingsovereenkomst. Het voordeel is dat er ruimte is voor wat er onder de zakelijke afspraken ligt: erkenning, een zorgvuldige communicatie richting het team en afspraken over referenties. Dat zijn precies de punten waar een procedure bij de kantonrechter geen antwoord op geeft. Waar je nu mee kunt beginnen Zorg dat de meldroute bekend is bij medewerkers en niet alleen op intranet staat, en dat vooraf helder is wie wat beoordeelt. Maak de rolverdeling expliciet: de vertrouwenspersoon vangt op en begeleidt, HR gaat over beleid en proces, de mediator begeleidt het gesprek en de onderzoeker stelt feiten vast. Die rollen door elkaar laten lopen is de meest voorkomende oorzaak van escalatie. Twijfel je of mediation past bij een situatie die op jouw bureau ligt? Overleg dat gerust vrijblijvend. De MfN-registermediators van Het Mediators Collectief zijn ervaren in arbeidsmediation en kunnen adviseren of mediation het juiste middel is. Bel 085 - 130 74 67 of mail naar info@mediatorscollectief.nl .

Als er een arbeidsconflict ontstaat op de werkvloer, is HR vaak de eerste die erbij wordt betrokken. Dat is logisch: HR kent de organisatie, de mensen en de procedures. Maar die vertrouwde positie maakt de rol van HR bij mediation ook meteen ingewikkeld. Want is HR een neutrale begeleider, of toch een partij met eigen belangen? Die vraag is cruciaal voor de effectiviteit van elk mediationtraject. HR als eerste aanspreekpunt In de meeste organisaties is HR de aangewezen afdeling om conflicten te signaleren en op te pakken. Medewerkers kloppen bij HR aan als ze problemen hebben met een leidinggevende of collega. Leidinggevenden zoeken HR op als ze niet meer weten hoe ze met een medewerker om moeten gaan. En het management verwacht van HR dat het de arbeidsrust bewaakt en problemen snel oplost. Daarmee heeft HR een cruciale positie: het kan vroeg signaleren, de-escaleren en partijen bij elkaar brengen. Maar diezelfde positie brengt ook een structureel risico met zich mee. HR vertegenwoordigt formeel de organisatie en is in dienst van de werkgever. Dat maakt een volledig neutrale rol in een conflict bijna onmogelijk, hoe professioneel de HR-medewerker ook te werk gaat. Wanneer is HR niet de juiste bemiddelaar? Er zijn situaties waarin het beter is om een externe mediator in te schakelen, in plaats van HR te laten bemiddelen. Dat is zeker het geval als HR zelf betrokken is bij het conflict, bijvoorbeeld omdat een HR-medewerker partij is, omdat eerder HR-beleid de bron van het probleem is, of omdat de medewerker het gevoel heeft dat HR de kant van de werkgever kiest. Ook als er sprake is van een ernstig conflict, zoals een beschuldiging van grensoverschrijdend gedrag, een dreiging van ontslag, of een langdurig slepende situatie waarbij sprake is van verzuim, is externe mediation verstandiger. In die gevallen is de neutraliteit van een onafhankelijke mediator niet alleen wenselijk, maar ook noodzakelijk om het vertrouwen van de medewerker te winnen. De meerwaarde van een externe mediator Een externe mediator brengt neutraliteit mee die HR structureel moeilijk kan bieden. Dat heeft niets te maken met de kwaliteit of betrokkenheid van de HR-afdeling, maar alles met de positie. Een externe mediator heeft geen voorgeschiedenis met de partijen, geen loyaliteit aan de organisatie en geen belang bij een bepaalde uitkomst. Dat schept vertrouwen, ook bij de medewerker die zich mogelijk niet gehoord voelt door de eigen organisatie. Bovendien heeft een externe mediator vaak brede ervaring met uiteenlopende conflictsituaties. Die ervaring stelt hem of haar in staat om patronen te herkennen, impasses te doorbreken en partijen te begeleiden naar een oplossing die duurzaam is en door beide kanten wordt gedragen. HR als regisseur van het mediationproces De sterkste rol voor HR is niet die van bemiddelaar, maar die van regisseur. HR signaleert het conflict, beoordeelt of mediation passend is, selecteert een geschikte externe mediator en zorgt voor de randvoorwaarden: tijd, ruimte en steun vanuit de organisatie. Gedurende het mediationproces houdt HR op afstand, maar blijft beschikbaar voor praktische en juridische vragen. Na afloop van de mediation speelt HR opnieuw een actievere rol: het borgen van de gemaakte afspraken, het monitoren van de terugkeer op de werkvloer en het aanpakken van eventuele onderliggende organisatorische problemen die aan het conflict hebben bijgedragen. Want een goed mediationresultaat vraagt ook om een organisatie die de condities schept voor duurzame samenwerking. Mediation als onderdeel van HR-beleid Vooruitstrevende organisaties integreren mediation niet alleen als crisisinterventie, maar als structureel onderdeel van hun HR-beleid. Dat betekent investeren in conflictvaardigheid van leidinggevenden, het laagdrempelig aanbieden van mediation als optie en het creëren van een cultuur waarin conflicten bespreekbaar zijn voordat ze escaleren. HR speelt daarin een faciliterende rol, maar blijft scherp op het onderscheid tussen begeleiden en bemiddelen. Organisaties die mediation vroeg en structureel inzetten, zien dat niet alleen de kosten van conflicten dalen, maar ook dat de werktevredenheid en het onderlinge vertrouwen toenemen. Medewerkers voelen dat de organisatie serieus omgaat met hun welzijn, en dat heeft een positief effect op de algehele cultuur. Wat HR kan doen bij een actueel conflict Staat u als HR-professional voor een conflict dat u niet meer intern kunt oplossen? Dan is het verstandig om tijdig externe mediation in te schakelen. Het is geen teken van falen, integendeel. Het is een professionele keuze die laat zien dat u het belang van alle betrokkenen serieus neemt. Een vroege inschakeling van een mediator vergroot de kans op een goede uitkomst aanzienlijk. Wilt u meer weten over arbeidsmediation? Overweegt u mediation? Neem dan vrijblijvend contact op met Het Mediators Collectief om te bespreken op welke manier wij u kunnen begeleiden.











