Gevangen in je eigen huis

In je eigen huis gevangen

Huis met handboeien

Sommige echtparen kunnen na de scheiding niet uit elkaar omdat ze geen mogelijkheid hebben om elders te gaan wonen. 


Scheiden , de juridische procedure, is redelijk eenvoudig, maar het van elkaar loskomen is voor een groot percentage van de scheidende mensen een probleem. Als mediator in familiezaken , dus ook in echtscheidingszaken, is dit een probleem dat ik in mijn dagelijkse praktijk veelvuldig tegenkom.


Mediation bij echtscheiding neemt, zeker met kinderen erbij, al snel twee tot drie maanden in beslag. Bij de start van een mediation (bemiddeling in plaats van gebruik maken van een advocaat) verkeren mensen in een staat van grote onzekerheid. Waar gaan de kinderen wonen , hoeveel alimentatie moet ik betalen, of kan ik leven van de alimentatie. Het zijn vragen die de bestaanszekerheid van mensen in hoge mate aantast. In plaats van de stap die ze samen gaan zetten goed te bespreken met elkaar en de emotionele gevolgen van de echtscheiding met elkaar door te werken wil het echtpaar graag antwoorden op de praktische zaken. Ze maken een gang naar de woningverhuurder, al dan niet een sociale verhuurder, en komen er snel achter dat het allemaal niet zo gemakkelijk is. Urgentie kan vaak niet meer aangevraagd worden, simpel omdat het bij sommige wooncoöperaties niet meer bestaat. Of men komt al snel bij de eerste informatie er achter dat een urgentieverklaring maar zelden verleend wordt. Ook hulpverleners van wijkteams lijken weigerachtig om de scheidende mensen te helpen met de woningnood die er ontstaat. Ze hebben weinig te bieden en het schrijven van een ondersteunende brief voor hun cliënten kost ook veel tijd. Cliënten hebben moeite te beschrijven waarom ze niet meer met hun ex of toekomstige ex kunnen samen wonen. Ook voor de hulpverleners is dat moeilijk. De argumentatie is met mooie deftige volzinnen omschreven en die sluit niet aan bij de dagelijkse werkelijkheid van de cliënten. Dergelijke brieven laat de lezers warm noch koud.


Wie leert hulpverleners nog concreet zaken te omschrijven? Ik bedoel dan niet zoiets als : “mevrouw heeft opvoedingsproblemen, maar een van de kinderen plast en poept in bed vanwege de voortdurende herrie en het gegooi met de deuren van beide ouders”.


Terug naar waar ik begon. Mensen staan in hun eigen kracht en gaan vooruitdenken, zorgen dat ze ingeschreven staan bij de woningbouw vereniging en gaan er voor zorgen dat ze een urgentie krijgen.


Bijna altijd wordt gezegd: “kom maar terug als je een echtscheidingsconvenant hebt met handtekening van de rechter en dan is het nog maar de vraag of je urgentie krijgt”. Als mediator begeleid ik het proces van scheiden . Veel scheidende mensen kiezen voor een mediator omdat ze graag op een goede manier uit elkaar willen gaan, ze willen steun bij conflicten om te voorkomen dat hun echtscheiding escaleert en dat ze uiteindelijk in een vechtscheiding belanden. Dit escaleren kost de maatschappij veel geld. En het geld dat cliënten zouden kunnen besteden aan oplossingen gaat weg aan advocaat- en procedurekosten. 


Een voorbeeld uit de praktijk: Het huwelijk van Kees en Linda is voorbij. Zij wil niet meer met hem verder. Kees heeft een ernstige spierziekte waardoor hij maar weinig kan bijdragen in het huishouden. Ook is hij strenggelovig. Linda wil hier niet meer in meegaan en is zichtbaar aan het emanciperen. Ze besluiten uit elkaar te gaan. Ze hebben samen een huurwoning en weinig inkomen. Kees werkt en Linda zorgt voor de twee kleine kinderen en heeft een kleine baan. Ze kunnen nauwelijks rondkomen maar doen hun best. Samen hebben ze bedacht dat de man het beste in het huis kan blijven omdat hij dan niet hoeft te verhuizen met zijn lichamelijke problemen. Linda wil weg uit het huis waar ze woont, ze voelt zich hier een gevangene en de ruzie loopt soms zo hoog op dat de mediator de politie heeft ingeschakeld toen Linda ‘s nachts hulp vroeg omdat haar man zo te keer ging. Samen met de mediator hebben ze hier over gepraat. Linda wil graag het huis uit en dringt aan op een snelle afwikkeling. Ze heeft te horen gekregen dat er eerst een convenant moet zijn gestempeld door de rechter en dat ze dan pas urgentie kan aanvragen. Gedurende het proces van scheiding gaat het slechter. Omdat ik als mediator beiden elke twee weken zie, kan ik hun communicatie naar elkaar toe verbeteren, maar het is duidelijk dat het geduld voor elkaar begint op te raken. Er is sprake van opvoedingsproblemen. Linda kan geen kant op, haar familie heeft met haar gebroken omdat ze wil gaan scheiden, ze heeft geprobeerd zich aan te melden bij een Blijf-van-mijn-lijf-huis, maar kreeg te horen dat het niet dringend was en dat er twee maanden wachttijd was. Nadat de scheiding was uitgesproken vroeg ze mijn hulp voor een urgentie. Het team in de wijk deed dat niet. Behoorde niet tot hun taak? Noodzakelijkerwijs heb ik in overleg met haar ex een urgentie geschreven voor de woningbouw vereniging .


Nog geen maand later belt ze op. Ze heeft veel problemen met haar zoontje van zes jaar. Hij is agressief naar andere kinderen toe, is ineens in zijn geheel niet meer zindelijk (signaal voor ernstige problemen van kinderen). Moeder geeft aan hem moeilijk aan te kunnen. Ondertussen merk ik dat de hulp aan haar moeizaam verloopt en veel via de telefoon. Ze wordt moedelozer en is de kracht aan het verliezen die ze aanvankelijk wel had. Hoe lang kan dit nog goed gaan …… 


De problemen tussen mensen die gaan scheiden worden groter als ze noodgedwongen bij elkaar blijven wonen. Deze mensen ervaren weinig hulp. De woningbouwcorporatie en de gemeente zouden zich meer moeten inzetten voor mensen in scheiding omdat de maatschappelijke kosten steeds groter worden als ze niet geholpen worden. 

Delen

door Petra Delhez 12 september 2026
Een generatiewisseling gaat niet alleen over geld en aandelen. Het gaat over macht, identiteit en vertrouwen. Voor de vorige generatie voelt het soms als afscheid nemen van hun leven-werk. Voor de volgende generatie voelt het als: eindelijk mijn eigen weg, maar onder constant toezicht van iemand die niet echt los wil laten. Dat spanningsveld is waar veel generatiewisselingen stuk lopen. Waar het meestal misgaat De klassieke conflicten zijn snel benoemd: "Jij bent nog niet klaar" (ouder vertrouwt niet, jongere voelt zich niet gezien). Onduidelijke rollen na de overdracht (wat betekent "adviseur" werkelijk?). Financiële spanning (hoe betaalt de volgende generatie het bedrijf af?). En de grote vraag: wie bepaalt eigenlijk hoe dit gaat? Al deze vragen spelen op twee niveaus tegelijk. Zakelijk gaat het om strategie en continuïteit. Persoonlijk gaat het om vertrouwen, waardering en controle loslaten. Veel bedrijven raken vast omdat ze die twee niveaus door elkaar gooien. Waarom juridische routes niet genoeg zijn Een notaris regelt de papieren. Belastingadviseurs werken optimale structuren uit. Allemaal nodig. Maar ze lossen het relationele probleem niet op. Na de overdracht zijn beide generaties nog steeds verbonden, en als dat relationele probleem niet is opgelost, functioneert het bedrijf moeizaam. Een veel voorkomend gevolg: de vorige generatie kan niet echt loslaten en bemoeit zich voortdurend. Of de volgende generatie voelt zich nooit echt in control. Het bedrijf draait, maar de sfeer is gespannen en er kan veel misgaan tussen de generaties. Wat mediation doet Mediation creëert een veilige ruimte waarin beide generaties kunnen zeggen wat werkelijk op het spel staat. "Ik ben bang dat je alles wat ik heb opgebouwd, gaat verbranden." "Ik voel dat je me niet vertrouwt." "Ik kan mijn eigen weg niet gaan zolang jij me voortdurend corrigeert." Veel van die gevoelens worden in formele onderhandelingen helemaal niet uitgesproken. Ze zitten onder de oppervlakte en bepalen eigenlijk alles. Een mediator brengt ze naar boven, zodat beide partijen echt naar elkaar kunnen luisteren. Praktisch resulteert dit in heldere afspraken: Rollen : Wat doet de vorige generatie nog? Hoe vaak? Wat zijn de grenzen? Timing : Hoe geleidelijk gaat de overdracht? Wil iemand meteen weg, of geleidelijk? Financiën : Hoe blijft het bedrijf gezond terwijl de vorige generatie wordt uitgekocht? Andere betrokkenen : Hoe zit het met andere kinderen, partners of medewerkers? Deze afspraken voelen als "van ons beiden," in plaats van opgelegd. Wanneer moet je beginnen? Generatiewisselingen die goed gaan, beginnen twee tot drie jaar voordat de daadwerkelijke overdracht plaatsvindt. Start mediation voordat de juridische adviseurs aan het werk gaan. Dan hebben zij helderheid over wat beide partijen willen, en kunnen ze de optimale structuur bouwen. Het voorkomen van wat veel bedrijven overkomt Te veel familiebedrijven hebben na een generatiewisseling te kampen met een vorige generatie die niet echt los kan laten, een volgende generatie die zich verstikt voelt, en familieruzies die jarenlang voortduren. Al dit leed is in veel gevallen voorkomen geweest als beide generaties hadden gezegd wat werkelijk op het spel stond, en samen hadden bepaald hoe dit gaat. Staat je organisatie voor een generatiewisseling? Neem contact op voor een vrijblijvend adviesgesprek.
door Petra Delhez 11 augustus 2026
Er komt een melding binnen. Een medewerker geeft aan zich onveilig te voelen bij een collega of leidinggevende: opmerkingen die te ver gaan, een sfeer van kleineren, aanhoudende toenadering die niet gewenst is. De eerste reflex in veel organisaties is begrijpelijk maar riskant: laten we die twee even om tafel zetten om het uit te praten. Soms is dat precies de juiste stap. Soms is het het slechtste wat je kunt doen. Het verschil kennen is essentieel, want een verkeerd ingezet gesprek beschadigt niet alleen de melder, maar ook de geloofwaardigheid van je hele meldstructuur. Wat er sowieso van je wordt verwacht Als werkgever ben je op grond van de Arbowet verplicht beleid te voeren tegen psychosociale arbeidsbelasting, waar ongewenste omgangsvormen onder vallen. Dat betekent dat je de risico's in kaart brengt in je RI&E en er daadwerkelijk maatregelen tegenover zet: een gedragscode, een heldere meldroute, een klachtenprocedure en de mogelijkheid om ergens veilig terecht te kunnen. Een vertrouwenspersoon is op dit moment niet wettelijk verplicht. Het initiatiefwetsvoorstel dat dit voor werkgevers zou regelen is in 2023 door de Tweede Kamer aangenomen en ligt sindsdien bij de Eerste Kamer, zonder duidelijke datum van inwerkingtreding. Dat betekent niet dat je achterover kunt leunen: de Nederlandse Arbeidsinspectie kan via de RI&E wel degelijk aandringen op maatregelen, en organisaties zonder laagdrempelig aanspreekpunt merken vooral dat er niets gemeld wordt tot het escaleert. Mediation is geen waarheidsvinding Dit is het belangrijkste onderscheid en het wordt in de praktijk het vaakst over het hoofd gezien. Een mediator stelt niet vast wat er is gebeurd en spreekt geen oordeel uit over schuld. Een mediator begeleidt twee partijen naar afspraken over hoe zij verder gaan. Bij een klacht over ernstig grensoverschrijdend gedrag heb je juist wél feitenonderzoek nodig, en dat is een ander instrument met andere waarborgen: hoor en wederhoor, dossiervorming, een rapport waar arbeidsrechtelijke consequenties aan verbonden kunnen worden. Mediation inzetten waar onderzoek nodig is, betekent dat de melder wordt gevraagd te onderhandelen over iets wat helemaal niet onderhandelbaar is. Dat is geen oplossing, dat is een tweede probleem. Wanneer mediation wél passend is Mediation komt tot zijn recht als er sprake is van een verstoorde onderlinge verhouding waarin beide betrokkenen ruimte hebben om vrijwillig deel te nemen. Denk aan situaties waarin gedrag als kwetsend is ervaren maar niet zo bedoeld was, waarin humor of een directe stijl verkeerd is gevallen, of waarin een langlopende irritatie tussen twee gelijkwaardige collega's is uitgegroeid tot een onwerkbare sfeer. Ook ná een onderzoek is er vaak plek voor mediation: de feiten liggen dan vast, er zijn maatregelen genomen, en de vraag is hoe mensen weer met elkaar verder kunnen in hetzelfde team. Dat herstelgesprek onder begeleiding voorkomt dat een organisatie formeel klaar is met de zaak terwijl de werkvloer dat helemaal niet is. Voorwaarde is steeds dat deelname echt vrijwillig is. Een melder die instemt omdat weigeren als onwil zou worden uitgelegd, neemt niet vrijwillig deel. Wanneer je het beter niet doet Wees terughoudend zodra er een duidelijk machtsverschil in het spel is, bijvoorbeeld tussen een leidinggevende en een medewerker die van diegene afhankelijk is voor beoordelingen of contractverlenging. Datzelfde geldt als de melder bang is voor de ander, als er sprake is van een herhaald patroon of meerdere meldingen over dezelfde persoon, of als het gedrag mogelijk strafbaar is. In die laatste situatie hoort de melder bovendien te weten dat aangifte doen een eigen recht is dat losstaat van wat de organisatie intern regelt. En een variant die vaker voorkomt dan werkgevers denken: mediation inzetten om te kunnen laten zien dat je iets hebt gedaan. Als het instrument vooral je dossier moet dienen, is het het verkeerde instrument. Als samenwerken geen optie meer is Soms is de conclusie dat terugkeer naar dezelfde afdeling of dezelfde leidinggevende niet realistisch is. Ook dan hoeft het niet op een juridische strijd uit te lopen. In een exit mediation begeleidt de mediator de gesprekken over de voorwaarden van het vertrek, die worden vastgelegd in een vaststellingsovereenkomst. Het voordeel is dat er ruimte is voor wat er onder de zakelijke afspraken ligt: erkenning, een zorgvuldige communicatie richting het team en afspraken over referenties. Dat zijn precies de punten waar een procedure bij de kantonrechter geen antwoord op geeft. Waar je nu mee kunt beginnen Zorg dat de meldroute bekend is bij medewerkers en niet alleen op intranet staat, en dat vooraf helder is wie wat beoordeelt. Maak de rolverdeling expliciet: de vertrouwenspersoon vangt op en begeleidt, HR gaat over beleid en proces, de mediator begeleidt het gesprek en de onderzoeker stelt feiten vast. Die rollen door elkaar laten lopen is de meest voorkomende oorzaak van escalatie. Twijfel je of mediation past bij een situatie die op jouw bureau ligt? Overleg dat gerust vrijblijvend. De MfN-registermediators van Het Mediators Collectief zijn ervaren in arbeidsmediation en kunnen adviseren of mediation het juiste middel is. Bel 085 - 130 74 67 of mail naar info@mediatorscollectief.nl .
door Petra Delhez 19 juni 2026
Als er een arbeidsconflict ontstaat op de werkvloer, is HR vaak de eerste die erbij wordt betrokken. Dat is logisch: HR kent de organisatie, de mensen en de procedures. Maar die vertrouwde positie maakt de rol van HR bij mediation ook meteen ingewikkeld. Want is HR een neutrale begeleider, of toch een partij met eigen belangen? Die vraag is cruciaal voor de effectiviteit van elk mediationtraject. HR als eerste aanspreekpunt In de meeste organisaties is HR de aangewezen afdeling om conflicten te signaleren en op te pakken. Medewerkers kloppen bij HR aan als ze problemen hebben met een leidinggevende of collega. Leidinggevenden zoeken HR op als ze niet meer weten hoe ze met een medewerker om moeten gaan. En het management verwacht van HR dat het de arbeidsrust bewaakt en problemen snel oplost. Daarmee heeft HR een cruciale positie: het kan vroeg signaleren, de-escaleren en partijen bij elkaar brengen. Maar diezelfde positie brengt ook een structureel risico met zich mee. HR vertegenwoordigt formeel de organisatie en is in dienst van de werkgever. Dat maakt een volledig neutrale rol in een conflict bijna onmogelijk, hoe professioneel de HR-medewerker ook te werk gaat. Wanneer is HR niet de juiste bemiddelaar? Er zijn situaties waarin het beter is om een externe mediator in te schakelen, in plaats van HR te laten bemiddelen. Dat is zeker het geval als HR zelf betrokken is bij het conflict, bijvoorbeeld omdat een HR-medewerker partij is, omdat eerder HR-beleid de bron van het probleem is, of omdat de medewerker het gevoel heeft dat HR de kant van de werkgever kiest. Ook als er sprake is van een ernstig conflict, zoals een beschuldiging van grensoverschrijdend gedrag, een dreiging van ontslag, of een langdurig slepende situatie waarbij sprake is van verzuim, is externe mediation verstandiger. In die gevallen is de neutraliteit van een onafhankelijke mediator niet alleen wenselijk, maar ook noodzakelijk om het vertrouwen van de medewerker te winnen. De meerwaarde van een externe mediator Een externe mediator brengt neutraliteit mee die HR structureel moeilijk kan bieden. Dat heeft niets te maken met de kwaliteit of betrokkenheid van de HR-afdeling, maar alles met de positie. Een externe mediator heeft geen voorgeschiedenis met de partijen, geen loyaliteit aan de organisatie en geen belang bij een bepaalde uitkomst. Dat schept vertrouwen, ook bij de medewerker die zich mogelijk niet gehoord voelt door de eigen organisatie. Bovendien heeft een externe mediator vaak brede ervaring met uiteenlopende conflictsituaties. Die ervaring stelt hem of haar in staat om patronen te herkennen, impasses te doorbreken en partijen te begeleiden naar een oplossing die duurzaam is en door beide kanten wordt gedragen. HR als regisseur van het mediationproces De sterkste rol voor HR is niet die van bemiddelaar, maar die van regisseur. HR signaleert het conflict, beoordeelt of mediation passend is, selecteert een geschikte externe mediator en zorgt voor de randvoorwaarden: tijd, ruimte en steun vanuit de organisatie. Gedurende het mediationproces houdt HR op afstand, maar blijft beschikbaar voor praktische en juridische vragen. Na afloop van de mediation speelt HR opnieuw een actievere rol: het borgen van de gemaakte afspraken, het monitoren van de terugkeer op de werkvloer en het aanpakken van eventuele onderliggende organisatorische problemen die aan het conflict hebben bijgedragen. Want een goed mediationresultaat vraagt ook om een organisatie die de condities schept voor duurzame samenwerking. Mediation als onderdeel van HR-beleid Vooruitstrevende organisaties integreren mediation niet alleen als crisisinterventie, maar als structureel onderdeel van hun HR-beleid. Dat betekent investeren in conflictvaardigheid van leidinggevenden, het laagdrempelig aanbieden van mediation als optie en het creëren van een cultuur waarin conflicten bespreekbaar zijn voordat ze escaleren. HR speelt daarin een faciliterende rol, maar blijft scherp op het onderscheid tussen begeleiden en bemiddelen.  Organisaties die mediation vroeg en structureel inzetten, zien dat niet alleen de kosten van conflicten dalen, maar ook dat de werktevredenheid en het onderlinge vertrouwen toenemen. Medewerkers voelen dat de organisatie serieus omgaat met hun welzijn, en dat heeft een positief effect op de algehele cultuur. Wat HR kan doen bij een actueel conflict Staat u als HR-professional voor een conflict dat u niet meer intern kunt oplossen? Dan is het verstandig om tijdig externe mediation in te schakelen. Het is geen teken van falen, integendeel. Het is een professionele keuze die laat zien dat u het belang van alle betrokkenen serieus neemt. Een vroege inschakeling van een mediator vergroot de kans op een goede uitkomst aanzienlijk. Wilt u meer weten over arbeidsmediation? Overweegt u mediation? Neem dan vrijblijvend contact op met Het Mediators Collectief om te bespreken op welke manier wij u kunnen begeleiden.